td align="left" valign="top" width="110" height="36">
Roleplay Over rollenspel, of: “Hoe speel ik een karakter? Laat ik beginnen met te zeggen dat je karakter meer is dan een lijst met vaardigheden op je karakterkaart. Alleen al omdat het bij LARP niet altijd genoeg is om een vaardigheid te hebben. Want gooien met een dobbelsteen is er niet bij. Veel dingen, zoals vechten of iemand overtuigen van je gelijk, dat zul je toch zelf moeten doen. Maar hoe doe je dat nu? Eigenlijk valt daar weinig ander over te zeggen dan: “Gewoon oefenen.” En hoewel dat misschien eng klinkt, al doende leer je heel veel, vaak ook nog veel sneller dan je denkt. Maar er zijn wel bepaalde ‘trucjes’. Je zou bijvoorbeeld kunnen beginnen met een aantal vaardigheden die je al wel kan. Zo kun je langzaamaan de dingen een beetje opbouwen. En als je dan ook nog binnen het spel iemand vraagt om je een vaardigheid te leren, dan heb je ook een goed voorbeeld en een beetje begeleiding. Ook zijn er een paar basisregels die je rollenspel al heel gauw behoorlijk goed laten lijken. 1. Verdiep je in je personage. Denk na over wie je karakter is, en wat hem zo heeft gemaakt. Dit begint al met een naam en een kostuum, maar het scheelt vooral als je een achtergrondverhaal schrijft. Daarin bepaal je voor jezelf wat dit personage vroeger al heeft meegemaakt, hoe hij of zij reageert in bepaalde situatiesen waarom je personage zo reageert. Als je dit opstuurt naar de spelleiding kunnen ze ook nog voor extra leuk spel zorgen. 2. Wees consistent in je spel. Een karaktereigenschap verandert niet zomaar. En een vaardigheid als zwaardvechten leer je niet in een dag. Je karakter groeit, net zoals jij dat zou doen. Als je een dappere strijder bent die in grote veldslagen heeft gevochten, zelfs toen bijna al zijn makkers waren gedood, dan ren je natuurlijk niet weg voor een enkele struikrover. Maar aanbid je de godin van de vrede, dan blijf je ver uit de buurt van geweld. Of je probeert juist te bemiddelen en de verschillende partijen tot rust te manen. 3. Blijf in karakter. Als je stopt met het spelen van je karakter dan roleplay je niet meer. Beperk dit zoveel mogelijk tot de tijd-uit momenten. Hiervoor zijn een aantal redenen te noemen. Allereerst, als je in karakter blijft wanneer je alleen bent, wordt het gemakkelijker om overtuigend te spelen als er anderen bij zijn. Plus, je weet nooit wie er van een afstandje meekijkt of luistert. Ten tweede, je speelt omdat je het leuk vindt. Vind je het spelen van je karakter niet leuk, dan is dit ofwel niet het juiste spel of niet het juiste karakter voor jou. En ten derde, je speelt niet alleen, maar met anderen samen. En ook voor hen is het gemakkelijker en leuker om in karakter te blijven wanneer jij het ook doet. 4. Speel uit wat je doet. Het leren van een vaardigheid, het repareren van je harnas, het maken van een drankje of het bestuderen van een spreuk, het kost allemaal tijd. Breng deze tijd niet door met het drinken van een biertje of met staren naar de wolken, maar laat zien wat je op dat moment zit te doen. Zelfs al heb je niet alle middelen om het uit te spelen (ik zie weinig smeden een aambeeld meenemen naar een evenement), improviseer en blijf bezig. Houd echter bij het uitspelen wel rekening met de grenzen van een ander. 5. Theatraal vechten. Een normaal zwaard is van staal. Een larpwapen van schuimrubber. Nogal een verschil in gewicht dus. En een larpwapen is daardoor ook veel handelbaarder. Maar het is natuurlijk mooier als dit niet te merken is. Maak je slagen dus wat langzamer, en met lange bewegingen. Een goede maatstaf hiervoor is om met je arm altijd een hoek van 90 graden te maken. Dit maakt een gevecht niet alleen mooier, maar ook veiliger. Ook geslagen worden met een larpwapen verschilt nogal van een echt. Gelukkig doet dit geen pijn, maar dat belet je niet om dit wel te spelen. Dit maakt het spel leuker, en anderen zullen jouw goede voorbeeld volgen. 6. OC- en IC informatie. (ofwel meta-gamen) Houd OC- en IC informatie gescheiden. Dit laatste punt is misschien wel het belangrijkste voor goed rollenspel. Je personage weet niet altijd wat jijzelf weet. Want als een vriend je ’s avonds na het spel komt teruggeven wat eerder die dag uit je tas is gestolen, dan weet je karakter niet dat hij het was, en kun je hem daar in het spel ook niet op aanspreken. En kom je een p ersoon tegen met lange hoektanden, dan weet je niet dat het een vampier is, tenzij je er eerder een hebt gezien of ervan hebt gehoord. Laat staan dat je weet dat je hem moet doden met een staak door het hart. Misschien werkt het in deze wereld wel heel anders. Gebruik dus nooit wat je zelf weet in het spel, hoe lastig het soms ook mag zijn. 7. Als laatste nog: Heb plezier in wat je doet. Als je zelf enthousiast bent, neem je anderen hierin mee